Huiselijk en kleurrijk
Diane wist al tijdens haar verpleegkundeopleiding dat ze in een ziekenhuis wilde werken. Toen ze voor een stage in het Dijklander Ziekenhuis terecht kon, begon ze daar dus met veel enthousiasme aan. “Ik kom uit de omgeving en ben er als kind vroeger ook wel eens geweest. Het is een prettig ziekenhuis: heel huiselijk en kleurrijk ingericht, niet echt ziekenhuis-achtig; de sfeer is menselijk en West-Fries. Al in mijn stagetijd wist ik dat ik hier op de goede plek zat.”
Tijdens haar eerste stage, op de verpleegafdeling Chirurgie, kwam Diane onder meer in contact met oncologiepatiënten, die bijvoorbeeld een operatie voor darm- of borstkanker ondergingen. “Ik heb veel belangstelling voor de behandeling van kanker en ik was dan ook blij dat ik mijn laatste stage op de oncologiekliniek mocht doen. Na mijn diplomering mocht ik daar blijven. Ik kon ook vrij snel de opleiding tot oncologieverpleegkundige gaan volgen. Het Dijklander Ziekenhuis is heel opleidingsgericht: stagiaires en beginnende verpleegkundigen worden goed begeleid en je krijgt volop kansen om je verder te ontwikkelen. Deze opleiding was ook heel snel geregeld.”
Een band met de patiënten
Inmiddels werkt Diane binnen het Centrum voor oncologie op de dagbehandeling. “Daar komen mensen voor geplande kuren, zoals chemotherapie of immuuntherapie, maar bijvoorbeeld ook voor bloedtransfusie en bepaalde ingrepen zoals beenmergpuncties. Op de dagbehandeling komen patiënten regelmatig terug; ze kennen op een gegeven moment je naam, vragen naar je kind of hond. Je bouwt echt een band met ze op.”
De gemoedelijkheid en fijne sfeer ervaren patiënten zelf vaak ook, zo blijkt uit reacties. “Regelmatig horen we van mensen dat dit, ondanks de omstandigheden, een prettige plek is om te zijn. Laatst was er een patiënt die opeens erg twijfelde over de behandeling die hij onderging. Hij had veel behoefte om even te overleggen, om rust in zijn hoofd te krijgen. Op zo’n moment kun je iemand met een paar woorden geruststellen, dat vind ik fijn om te merken.”
Op de dagbehandeling werken medewerkers alleen overdag en hoeven ze geen weekenden en nachtdiensten te draaien. “Toch is het een zware en pittige afdeling en dat moet je wel liggen. Ik denk dat de helft van de mensen hier palliatief behandeld wordt. Er zijn steeds meer behandelingen die het leven verlengen, waardoor mensen langer met kanker kunnen leven, zelfs als ze uitzaaiingen hebben. Dat vind ik ook een boeiend aspect van dit specialisme: er komen steeds nieuwe kuren, behandelingen en methoden. Ik ben nog jong en hoop er over dertig jaar nog steeds te zijn. Ik ben heel benieuwd wat er allemaal nog komt.”
Echte Dijklanders
“Dijklanders zijn doorzetters, mensen die in oplossingen denken, die samenwerken als een dijk”, schetst ze. “Dat voel je het sterkst aan het eind van een hele drukke dag, als je iedereen goed hebt kunnen verzorgen en iets voor de mensen hebt kunnen betekenen. Dan ga ik met een goed gevoel naar huis. En valt er een keer een collega uit, dan ga je er met elkaar voor en ben je naderhand trots dat het weer is gelukt.”
De goede sfeer op de afdeling vindt Diane ook erg belangrijk. “We werken zo leuk en goed met elkaar samen – niet alleen de verpleegkundigen, maar met alle andere collega’s en ook de vrijwilligers. Dat zijn mensen die hier in de regio wonen, hier misschien ook wel zijn behandeld of familie hier hebben gehad. Zo bijzonder dat zij zich nu zelf voor deze afdeling willen inzetten, bijvoorbeeld bij de aanmeldbalie en het rondbrengen van koffie, thee en maaltijden.” Als er nieuwe collega's of leerlingen zijn, proberen Diane en haar collega’s ervoor te zorgen dat ze zich welkom voelen. “Oncologie is een spannende plek om te komen, er zijn patiënten met een moeilijk verhaal. Ook kan het met de aanloop van patiënten de hele dag door – we zien zo’n 35 tot 40 mensen per dag – in eerste instantie een beetje chaotisch en intensief lijken. Maar we hebben een hele open en huiselijke afdeling die juist veel overzicht geeft.”
Ondernemingsraad
Naast haar werk als verpleegkundige zet Diane zich een dag in de week in binnen de ondernemingsraad. “Ik bezoek daarvoor regelmatig andere afdelingen en kijk hoe het daar gaat. Zo krijg je in de gaten waar je iets kunt betekenen, wat er bijvoorbeeld beter kan qua personeel en ziekteverzuim. We spreken eens in de maand een van de bestuursleden. Dat zijn heel menselijke, open mensen, met wie we goed kunnen praten en bij wie we onze adviezen kwijt kunnen.” Het stukje management heeft haar interesse. “Ik heb wel ambities om op dit gebied iets meer voor de afdeling te kunnen doen. Nu wil ik eerst veel ervaring opdoen op mijn vakgebied. Ik zou dit denk ik ook mijn hele carrière willen doen, maar misschien in de toekomst met een managementtaak erbij.”